Herstel begint niet bij gedrag, maar bij wat er van binnen geraakt is.
Veel mensen hebben geleerd om door te gaan, zich aan te passen of te overleven, vaak gevormd door situaties waarin ze zich niet veilig voelden, zich moesten aanpassen of niet volledig gezien en gehoord werden.
Wat er van binnen geraakt wordt, kan zich uiten in gevoelens van onrust, afwijzing of voortdurend alert zijn. In het lichaam zie je spanning, vermoeidheid of juist afsluiting.
Dit kan zich ook lichamelijk uiten in vage klachten of uitval in het lichaam, waarvoor niet altijd direct een medische verklaring wordt gevonden.
Op een diepere laag ontstaan overtuigingen als: “ik ben niet genoeg” of “ik moet me aanpassen om erbij te horen”.
Wat ooit nodig was om te overleven, blijft vaak onbewust actief in het heden, in relaties, keuzes en hoe iemand zich voelt in zichzelf.
Ik geloof dat duurzaam herstel ontstaat wanneer er veiligheid terugkomt in het lichaam, het zenuwstelsel tot rust mag komen en iemand opnieuw verbinding leert maken met zichzelf.
Vanuit die basis ontstaat ruimte voor verandering, niet vanuit wilskracht, maar van binnenuit.
In mijn praktijk combineer ik adem, bewustwording en identiteit, zodat herstel niet tijdelijk is, maar diep verankerd raakt.
Voor mij is herstel ook verbonden met identiteit, ontdekken wie je bent, los van wat je hebt meegemaakt, en geworteld raken in wie God over je zegt dat je bent.